Begroting 2019

Financiering

EMU-saldo

Op Europees niveau zijn afspraken gemaakt dat het EMU-tekort (het gezamenlijke begrotingstekort van de overheden en de sociale fondsen) niet meer dan 3% mag bedragen. Ook lokale overheden dragen bij aan dit tekort. Op basis van de Wet FIDO heeft de minister van Financiën aanwijzingsbevoegdheden met betrekking tot het EMU-saldo. Het afgesproken gezamenlijke tekort voor de decentrale overheden voor 2018 wordt ingeschat op -/-0,5 procent bbp.

In het Bestuurlijk Overleg Financiële verhoudingen van 23 mei 2018 jl. is gesproken over de EMU-norm voor de decentrale overheden voor de periode 2019 tot 2022.
Het Rijk en decentrale overheden hebben elkaar gevonden in een macro EMU-norm van -/- 0,5 procent van het bbp voor deze periode.

Het verwachte verloop van het EMU-saldo behoort opgenomen te worden in de jaarlijkse begroting. Hiervoor kan verwezen worden naar onderstaand overzicht.

Berekening EMU-saldo

2018

2019

2020

x € 1000,-

x € 1000,-

x € 1000,-

Volgens realisatie tot en met sept. 2018, aangevuld met raming resterende periode

Volgens begroting 2019

Volgens meerjarenraming in begroting 2019

Berekend EMU-saldo

-6.763

-1.138

-73